Spring naar de inhoud

De Nederlandse tak: drie broers trekken naar Dordrecht (zeventiende eeuw)

Toen mijn vader als laatste mannelijke nakomeling met de naam Laukens in de jaren dertig van vorige eeuw huwde en Achel verliet, was hij zich mogelijk niet bewust van het feit dat hij daarmee een eindpunt zette achter meer dan 450 jaar aanwezigheid van de naam in zijn geboortedorp. Hij kwam uiteindelijk in Antwerpen terecht. Zijn kinderen en (achter)kleinkinderen wonen, op enkele uitzonderingen na, allen in de omgeving van de metropool.

Drie eeuwen vroeger trokken echter reeds een aantal naamgenoten vanuit Achel weg om hun geluk elders te gaan beproeven. 

Adriaan Laukens en Henrica Meeus: Van Achel naar Hamont, Dordrecht en Rotterdam

Adriaan Laukens, waarschijnlijk (na 1600) geboren in Achel, en overleden op 5 oktober 1678 in Hamont, was een nazaat van onze naamgever Herman Laukens in de 15de eeuw. Hij huwde met Henrica Meeus, in Hamont overleden op 17 mei 1666. Het gezin telde negen kinderen, allen geboren in Hamont. 

Van drie broers uit het gezin weten we dat ze vanuit hun geboortedorp naar Dordrecht trokken: Antonius (geboren op 27/5/1646), Petrus (geboren op 20/4/1649) en Judocus (geboren op 14/10/1655).

Dordrecht – Atlas de Wit 1698 – Bron: Wikimedia Commons

Op 7 mei 1676 werden de huwelijksbeloften van Antonius (Anthonis) Laukens met Anneke Missens/Smissens (schrijfwijze zeer onzeker) in het “ Doop-, trouw- en begraaf-boek” van Dordrecht geregistreerd. Het  huwelijk van Antonius Laukens werd definitief bevestigd op 23 mei 1676. Voor zover wij weten bleef dit gezin kinderloos.

Op den 7. mei 1676 zijn aengetekent  de trouwbelofte, tusschen Anthonis Laukens, jonkman, segaermaecker, geboortig van Puttershoek, geassisteert met  …. sijns goede bekende toekomende  Bruijdegom ter eenre, ende Anneke Missens (?) jonge .. geboortig van Batenberg geassisteert met ….haers goede bekende toekomende Bruijt ter andre sijd

…. 23/5/1676 (huwelijk)

Anthonis was sigarenmaker en volgens de registratie geboortig van Puttershoek, maar dat lijkt fout aangezien het zeer waarschijnlijk is dat hij samen met zijn broers vanuit Hamont naar Dordrecht was gekomen. We vinden in Puttershoek in die periode trouwens geen geboorten van naamgenoten; de eerste geboorten dateren er van anderhalve eeuw later. Het betreft dan echter geen afstammelingen van Antonius of zijn broers,  maar van Joannes Laukens (Achel 9/11/1789, Boxmeer 18/1/1866).

Op 8 mei 1678 huwde in de Grote Kerk van Dordrecht (voorheen Katholieke O.L.Vrouwekerk) Joost (Judocus) Laukens, van Hamont, met Lydia Timmers, afkomstig van Strijen. Joost was droogscheerder 1. De bruidegom woonde op de Hoognieuwstraet, de bruid bij de Beurs.

Huwelijk van Joost Laukens met Lydia Timmers, Dordrecht 8 mei 1678

Het gezin kreeg zeven kinderen; van één zoon (Adrianus) vinden we nakomelingen in Rotterdam tot op het einde van de 18de eeuw, maar niet verder. Latere naamgenoten in Rotterdam behoorden niet tot dezelfde tak, maar tot de nakomelingen van Arnoldus Laukens (Achel 24/5/1801 – Brussel 26/3/1870).

Petrus (Pieter) was hoefsmid en kocht op 10 mei 1690 een huis op de Varkenmarkt voor 1250 Gulden, wat er op wijst dat hij zeker niet onbemiddeld was. Er zijn geen gegevens bekend over een mogelijk gezin. Petrus werd begraven in Dordrecht op 17/12/1694.

Dordrecht 17/12/1694 een baer (lijkbaar) voor Pieter Loukens .. smidt op de verke mart

Parenteel van Adriaan Laukens

Het parenteel van Adriaan Laukens wordt in twee delen weergegeven. Via Hubertus Laukens (1717-1751) loopt het tot in de 19de eeuw. Recenter werden echter geen gegevens over naamgenoten, die aan deze tak konden gelinkt gevonden worden.  


Het parenteel van Hubertus Laukens sluit aan bij het vorige. Het reikt – in Rotterdam – tot in de 19de eeuw. Er zijn van deze tak echter geen latere naamgenoten/afstammelingen bekend.

  1. De droogscheerder maakte deel uit van de lakennijverheid. Hij ‘schoor’ of eigenlijk knipte het gedroogde laken glad door de uitstekende vezels te verwijderen met een grote schaar, die de hele breedte van de scheerdis bestreek. Het weefsel werd daartoe eerst geruwd met behulp van de stekels van de kaardebol, die men daartoe speciaal kweekte. De beste kwaliteit laken werd aan beide kanten bewerkt. Deze soort heette vroeger scaerlaken. Bron: www.beroepenvantoen.nl/ ↩︎